Ga naar de inhoud

3. Il fait chaud à Paris

Dat leer ik van DuoLingo, mijn taalcoach, ze legt er alleen niets bij uit. Ja natuurlijk, de temperaturen lopen op en het is steeds heet in Parijs. Zowel op straat als in het appartement en dan koelt het in de stad ook helemaal niet af. Met dank aan het weinige groen en het surplus aan stenen en asfalt. Die enkele boom kan dat ook niet in zijn of haar eentje.
Ik wil niet klagen (eigenlijk wel), maar de feiten zijn dat het overdag tegen de 35 graden is en ’s nachts de thermometer niet onder de 27 komt. Nu begrijp ik dat het in Nederland ook nog warm is, maar daar koelt het ’s nachts tenminste weer een beetje af. 

Wel grappig is dat “c’est chaud” een andere betekenis heeft, namelijk iets als te gek voor woorden, moeilijk – of in mijn vertaling krankzinnig heet dus.
Het lijkt de mensen hier overigens niet uit te maken, in het verleden werd er gezonnebaad, dat zie je nu nog steeds. Zo’n man die echt al wel over de datum is – nou ja geen adonis meer dan – loopt in een kort broekje, pijpjes zoveel mogelijk omhoog in de onderbroek gestopt. Terwijl de rest daaroverheen stulpt. Zonnebaden, op de stenen, in de zon. Geef mij die schaduwplekjes in het gras maar.

Wanneer ik op de telefoon naar het weer kijk, dan kun je ook dieper inzoomen op de luchtkwaliteit. En die is bar slecht, veel fijnstof, diep en diep rood. Ik kom er dan ook niet zo goed uit. Als je door leuke en ontspannen dingen te doen langer zou kunnen leven, statistisch gesproken dan he – hoe verhoudt zich dat dan tot het inleveren van levensjaren vanwege de ongezonde omgeving? Dan is dat natuurlijk ook die tegenstelling die in de betekenis van de uitdrukking c’est chaud zit.